Info voor Ouders
De oorzaak van een tweelingzwangerschapMen weet nog altijd niet wat de oorzaak is van een eeneiige tweelingzwangerschap. Eeneiige tweelingen komen voor in 1 op 250 van alle zwangerschappen en dit is een constante over heel de wereld. Het ontstaan van eeneiige tweelingen wordt niet beïnvloed door ras, genetische factoren of door pariteit (= het aantal kinderen die men reeds gebaard heeft). Bij het onstaan van een twee-eiige tweelingzwangerschap zijn er wel een aantal beïnvloedende factoren:
Eeneiige en twee-eiige tweelingenTweelingen worden ingedeeld in twee hoofdgroepen: eeneiige of monozygote en twee-eiige of dizygote tweelingen. Eeneiige tweelingen hebben zich uit één bevruchte eicel ontwikkeld. Ze worden ook wel de identieke tweelingen genoemd en ze komen voor bij ongeveer 3 à 4 per 1000 zwangerschappen. De splitsing van de bevruchte eicel kan op verschillende tijdstippen gebeuren. Wanneer dit gebeurt binnen de 3de dag na de bevruchting dan spreekt men van een dichoriaal-diamniotische zwangerschap. Dit type komt voor bij 30% van de eeneiige tweelingzwangerschappen. Deze tweelingen hebben een eigen amnion (=binnenvlies), chorion (=buitenvlies) en placenta (=moederkoek). Wanneer de splitsing gebeurt tussen de 4de en 7de dag na de bevruchting dan spreekt men van een monochoriaal-diamniotische zwangerschap. Dit betekent dat de tweeling een gemeenschappelijke placenta en chorionvlies delen, maar elk een eigen amnionvlies hebben. Dit komt voor in ongeveer 70% van alle eeneiige tweelingzwangerschappen.
(www.mombaby.org, 2006) Wanneer deze splitsing gebeurt na de 8ste dag dan spreekt men van een monochoriaal-monoamniotische tweelingzwangerschap. Hier deelt de tweeling alles: de placenta, het chorionvlies en het amnionvlies. Dit komt slechts voor in 2% van alle eeneiige tweelingzwangerschappen. (www.mombaby.org, 2006) In zeldzame gevallen kan er nog splitsing optreden tussen de 13de en 15de dag na de bevruchting. Hier is er geen volledige splitsing meer mogelijk en spreekt men van siamese tweelingen. Deze tweelingen zijn deels met elkaar vergroeid en kunnen alleen operatief van elkaar gescheiden worden als ze geen gemeenschappelijke vitale organen delen. Twee-eiige tweelingen zijn ontstaan uit twee eicellen die elk afzonderlijk bevrucht werden door een verschillende zaadcel. Twee-eiige tweelingen komen het frequentste voor: ongeveer 7 tot 11 per 1000 geboortes. Deze tweelingen zijn genetisch niet identiek en vertonen evenveel gelijkenis als gewone broers en zussen. Ze kunnen beide een verschillend geslacht hebben, hetgeen bij eeneiige tweelingen niet het geval is. Deze tweelingen hebben altijd een eigen placenta, chorion en amnion. Het gebeurt wel dat de placenta’s vergroeien. (www.mombaby.org, 2006)
|
Twins UZ-Gent
De Pintelaan 185 PB 191


